Geloven in Gouda (6)


Levensgenieters

De Levensgenieters zijn wel de meest naïeve gelovigen, en vormen het grootste spirituele wanproduct van deze tijd. Zij gaan zózeer uit van hun natuurlijk gelijk dat het niet bij hen opkomt dat de zin van het leven nog in iets anders zou kunnen liggen dan in het domweg genieten ervan. Het nu is de godheid van deze in wezen goddeloze genieters. Alles doen zij te niet in het heden, geen enkele voorraad leggen zij aan, geen zorg voor de dag van morgen bekommert hen, aan gisteren wordt niet meer gedacht. De Levensgenieters zijn ook buitengewoon onstandvastige gelovigen, want bij de minste tegenslag of levensbewolking krimpen zij ineen of beginnen te chagrijnen. De vragen die zich aan hen opdringen organiseren zich automatisch rond het ego, los van de bewuste kosmische samenhang. Identiteit is daarmee hun grootste probleem. De onmogelijkheid van hun bestaan is hun grootste kwelling. Ruim een eeuw geleden begonnen de Levensgenieters zich af te splitsen van de arbeidersklasse, in de ijdele overtuiging dat zij de geest van de moderne tijd bij de staart hadden gevat. Levenskunstenaars werden zij genoemd. Ook wel duivelskunstenaars. Honderd jaar later zijn zij het geweten geworden van de gewetenloze massa, de richters van de gedachteloze meerderheid. Hun zuurstofloze inspiratoren vormen het infarct waar beschavingen langzaam aan bezwijken. Hoewel de genieting als brede positieve beweging wordt verkocht blijkt de gewelddadige inborst uit haar seksualiteit, die nooit zonder brutaliteit en agressiviteit gepaard gaat. Haar doelen zijn immers stelselmatig onbereikbaar. Enerzijds omdat haar overtuiging haar krachteloos maakt, en anderzijds omdat haar doelen hersenschimmen zijn.