Slecht zicht


In Het vrouwenparlement schrijft Aristophanes: 'Ik zei hem dat hij eens een hond in zijn aars moest kijken'. De scholiast merkt hierbij op dat dit gewoonlijk werd gezegd aan slechtzienden en staaft zijn uitleg met het trocheïsche vers: 'Een hond en drie vossen in hun aars kijken'. Ook in De Acharniërs duikt het op: 'Blaas die hondenaars maar op met je benen fluit'. Het is te obsceen om te vertalen. Ik zou zulke prietpraat liever niet opnemen, maar ik heb me voorgenomen mijn opzet in alle aspecten uit te voeren en 'het beste te maken van het Sparta dat mijn deel werd'. (Desiderius Erasmus, 1536)