Als een trapleuning


Het mes wordt in bovenhandschen greep vastgehouden precies zooals men een trapleuning of het handvat van een fietsstuur vasthoudt. Nooit met een opgeheven pink en nimmer zooals men een schrijfpen hanteert. Dit zijn dwaze uitvindingen van lieden, die het graag erg mooi willen doen, maar die volstrekt niet weten hoe het eigenlijk hoort. Men houdt het mes in de rechter en de vork in de linkerhand. Ook de vork wordt in bovenhandsche greep vastgehouden met de tanden naar beneden, echter steunt hierbij de vooruit geschoven wijsvinger van de linkerhand luchtig in even gebogen houding op de steel, zonder dat de top van den wijsvinger daarbij lager komt dan ongeveer twee centimeter boven het uiteinde van den steel. (Amy Groskamp-Ten Have, 1940)