Ik ben Karel
O niets liever, kom! Weg van de plakplaatjes die geen kaas voorstellen, van hobbelkeien met luchtjes. Weg van de koopjesjagers, Batavusrijdsters, dikke vriendinnen. Kom naar mijn kamer, mijn slaapbank, mijn werelds privé. Weg van het aanrecht, gewoontes, je man, de moskee. Ik zal je verbazen, je zuchtjes ontlokken. Kom bij mij kijken, ik draag je wel mee.