Besloten rechten


Je plaats in de stad is niet zomaar je eigendom als je ‘m in bezit hebt door je aanwezigheid. Je hebt niet van nature het recht om je naam te geven aan de plek waar je verblijf houdt. Om recht te hebben op je positie moet je aan een aantal voorwaarden voldoen. Als je met een leenheer moet onderhandelen over je privileges is het altijd makkelijk om in ruil een flinke som geld aan te bieden. Hiermee koop je geen recht, maar wel een soort recht om voor je recht op te mogen komen. Maar er zijn ook andere methoden in zwang. Toch zijn handigheid en nijver de beginvoorwaarden voor elke persoonlijke gunst. Een eigen basis in de stad is een gewilde verworvenheid. Maar om je echt rechthebbende of eigenaar te mogen noemen moet je minstens één jaar en één dag aantoonbaar gebruik hebben gemaakt van je stekkie. Ook moet je gebruik onbetwist zijn geweest in die periode. Zijn er daarnaast geen andere aanklachten tegen je ingediend, breng je de veiligheid niet in gevaar en ben je een vrije burger, dan kan je door de vazal het voorrecht van een deel van de stad worden verleend. Je naam en je recht worden dan plechtig in een oorkonde vastgelegd. Toch garandeert het feit dat een stadsdeel kon worden bestempeld als die van jou niet dat het ook altijd jouw plaats zal blijven. Zaken als de oppervlakte, omvang van de bevolking en rijkdom van een stad beïnvloeden de politieke en juridische status van voorrechten. Zo blijft altijd de mogelijkheid dat je voorrecht onder druk van de directe jurisdictie van de vorst weer wordt ingetrokken.