Achterop (2)


We leven tot zolang het duurt in schemering, verdubbelen het zicht met extra lampen voor zover dat lukt. We rijden overdag nog vaak in bleek en dik halfduister. We krijgen voor- noch achteruit voldoende luxen, lumen, hoogtezon. We schijnen zwak en aarzelend en somber. We raken langzaam achterop in het voor ons gedoodverfd licht.