Aanhalingen (1)


Het is altijd een geliefde bezigheid van dichters geweest om teleurstelling en ellende te bezingen, om het duistere van de toekomst zwarter te maken en de doolhof van onzekerheid ingewikkelder. De meeste mensen houden het duistere toch al voor het diepe, het wilde voor het krachtige, het vage voor het oneindige, het zinneloze voor het bovenzinnelijke. Voor wie wil zien is er voldoende licht en voor wie niet wil zien voldoende duisternis.