... de ontwikkeling van de persoonlijkheid vanuit haar eerste aanleg tot volledige bewustheid is een charisma en tegelijk een vloek: het eerste gevolg ervan is de bewuste en onvermijdelijke afzondering van de enkeling van de onbewustheid en gelijkvormigheid van de kudde. Dat betekent vereenzaming, een troostender woord bestaat daar niet voor. Van deze eenzaamheid wordt men ook niet bevrijd door aanpassing, hoe succesvol deze ook mag zijn, of een aanpassing aan de huidige omgeving, hoe soepel ook. Hier helpt geen familie, geen maatschappij, geen positie. De ontwikkeling van de persoonlijkheid is een dermate groot geluk, dat men het alleen maar duur kan betalen. (C.G. Jung, 1932)