Op zijn kop
Zachte berm fluistert fluitenkruid
uitgebloeid afgegleden in de sloot
gekalfd met verdronken kluiten
hervormde veenbonken ferm
gewacht op diepladers dwarsliggers
kanttoeristen afgestapt uitgetreden
rood van opwinding mogelijk wegens
olielek en spoorwerkvaartuig dood-
leuk op zijn plomp getuimelde kop.