Het ontzielde getij
Er is mij een engel verschenen
gevederd baasje in eigenwijfs buik
de mijne had een gebloemd schort
over het onaangekondigde kind
De bomen verloren hun blad
terwijl ik de breinaald op dikte
keurde om het onvermijdelijke lijfje
rompertje sokje mutsje op te zetten
Het was het ontzielde jaargetijde
van allerheiligen en allerkinderen
kerstmis en driekoningen met idioot
veel eten en drinken, dikke mik, stro