Op welke afstand
op welke afstand
zeg het
is in welke stand
iets werkelijks te zien
zit er tussen niet
een zonder grond is tijd galop
elk ogenblikkelijk eind
naar uit te zien en
van waaruit
krimpt en zwelt de gladde plank
over het diepe heen gedacht
een vossenklem
daar aan de rand van overpeinzing