Voorbeelden


Voorbeelden van kattenkwaad: belletje trekken (ook belletje lel of deurtjebellen) - aanbellen bij een huis en weglopen voor er wordt opengedaan; ijswater of een scheetkussen op de stoel van de meester of juffrouw leggen; fikkie stoken - kleine vuurtjes maken op plaatsen waar dat niet is toegestaan; experimenteren met vuurwerk; fietsbanden leeg laten lopen; mensen beschieten met waterpistolen; eitjes gooien - eieren gooien op huizen en voertuigen; pielkes schieten - met pielkebuis (pvc-buis) pielkes (papieren pijlen) door openstaande ramen schieten; raampjetik - lang draad met daar aan een spijkertje tegen raam laten tikken (buiten bij huis); sneeuwballen gooien - sneeuwballen tegen mensen (voorbijgangers) of ramen aan gooien; propjes schieten - papierpropjes schieten richting de leraar of het plafond (nat); knopjedrukken in lift - alle knoppen indrukken in lift, vlak voordat iemand anders instapt; telefonisch pesten - meerdere malen vreemde opbellen en vragen om Piet, dan bellen als Piet en vragen of er is gebeld - een andere variant is het bellen naar een willekeurige dierentuin om vervolgens te vragen naar meneer De Beer; schieten met witte klapbessen - voorbijgangers en ramen beschieten door middel van pielkebuis (pvc-buis); daken beklimmen - op daken van bijvoorbeeld scholen klimmen; met rolschaatsen achter auto hangen - achter rijdende auto (bumper) hangen en meerijden. (nl.wikipedia.org, 2013)