uit.
vogeltje.
reacties op dit artikel
#1 | 27-01-12 | huub
HEMELSCH
Woordsoort: bnw., bw.
Modern lemma: hemels
bnw. en bijw. Ohd. himilisc, mhd. himelisch, nhd. himmlisch, mnd. hem(m)els, mnl. hemelsc. Van Hemel met -sch.
+I. Bnw. — I) Van Hemel, I).
+II. Bijw.
Afl. Hemelschdom, bij vondel e.a. in verschillende opvattingen, t.w. 1°. voor: hemelingen- of engelendom (6, 249; 10, 383; antonides 2, 153 [1682]); 2°. voor hemelrijk (vondel 9, 503 [1662]); 3°. voor: hemelsche toestand (”'t hemelschdom des wezens”, in vondel 8, 451 [1660] voor lat. aetherium sensum (verg. vondel 5, 269 [1646]: ”het hemelsch wezen”); ook 10, 381)
hemelschheid 1°. hemelsche aard (”'t juck des lichaems, dat haer hemelsheit (van de ziel) verdruckt”, vondel 9, 402 [1662]); 2°. het hemelsch zijn (”De ziel, op hemelscheit verslingert …, Gevoelt geene aerdtscheit”, vondel 10, 399 [1664]).
— Als tweede lid. Aartshemelsch (”het aertshemelsch hooftpalais”, vondel 11, 310 [1671]).
Koppel. (in de bet. II) Hemelschgezind, (van een persoon) tot de hemelsche dingen, tot het zijn
#2 | 27-01-12 | Marianne Light
Gooi de schoen maar in de ring ,
dit is te hoog voor m'n zieltje .
#3 | 27-01-12 | cor zwart
uit je slof schieten
naast je schoenen lopen
het vuur eruit lopen
wie de schoen past...............
en zo hangt er nog wat